In het kort:
De belastingmaatregelen van het kabinet zorgen voor opvallende verschillen in het vakantiegeld van verschillende inkomensgroepen.
- Parttimers met een brutomaandloon van 1000 euro krijgen netto 221 euro meer vakantiegeld dan vorig jaar.
- Deeltijdwerkers met een brutosalaris van 2250 euro ontvangen 132 euro extra.
- Werknemers met een brutomaandloon boven 2500 euro gaan 5 tot 8 euro achteruit in vakantiegeld.
Het grote plaatje:
De verschillen ontstaan door aanpassingen in belastingschijven en heffingskortingen, specifiek gericht op het ondersteunen van lagere inkomens.
- "Dat heeft onder meer te maken met de belastingschijven voor de inkomstenbelasting. Daar wordt elk jaar aan gesleuteld," legt Karin Stam van ADP uit.
- Vorig jaar kregen parttimers juist flink minder vakantiegeld, wat het verschil met dit jaar extra opvallend maakt.
De onderste regel:
Hoewel hogere inkomens minder vakantiegeld ontvangen, gaan alle werknemers er onder de streep op vooruit in nettoloon vergeleken met vorig jaar.





