In het kort:
De Nederlandse woningmarkt laat een voorzichtige afkoeling zien, ondanks aanhoudende prijsstijgingen die huizen steeds minder betaalbaar maken.
- Bestaande koopwoningen waren in mei 4,4 procent duurder dan een jaar eerder, met een gemiddelde transactieprijs van 487.383 euro.
- De prijzen liggen inmiddels 16,6 procent hoger dan de vorige piek in juli 2022, vlak voor de tijdelijke daling.
- Het aantal woningtransacties daalde licht met 2,5 procent tot 19.120 verkopen in mei.
Het grote plaatje:
De overbiedingen nemen af en kopers betalen minder boven de vraagprijs. In het eerste kwartaal van 2026 werd gemiddeld 3,7 procent boven de vraagprijs betaald, tegenover 5,7 procent een jaar eerder. Ongeveer 65 procent van de woningen ging nog boven de vraagprijs van de hand.
Vooruitkijkend:
De Nederlandsche Bank verwacht een verdere vertraging met prijsstijgingen van 3 tot 4 procent per jaar tussen 2026 en 2028. Dalend consumentenvertrouwen en licht gestegen hypotheekrentes temperen de vraag, terwijl het structurele woningtekort de prijzen blijft ondersteunen. Nieuwbouw loopt achter door hogere bouwkosten en personeelstekorten.





