In het kort:
De PFAS-inventarisatie door gemeenten en provincies onthult een groeiend aantal gevaarlijk vervuilde locaties die jarenlange sanering en aanzienlijke investeringen vergen.
- Provincies en grote gemeenten hebben 4000 mogelijk verdachte locaties geïdentificeerd, waarvan 600 geselecteerd voor verder onderzoek.
- Het gaat vooral om voormalige bedrijfsterreinen, brandweeroefenterreinen en vuilstortplaatsen waar PFAS is gebruikt of terechtgekomen.
- Bij ruim driekwart van de 57 ontdekte 'PFAS-aandachtlocaties' moet de sanering nog beginnen.
Het grote plaatje:
Overheden noemen het niet kunnen afdwingen van bodemonderzoek als belangrijke belemmering. Bedrijven weigeren vaak toestemming voor onderzoek op hun terreinen.
- "Dit moet worden opgelost", stelt het Interprovinciaal Overleg, terwijl het ministerie eerder dit probleem ontkende.
- Staatssecretaris Bertram wil in 2028 een "scherper beeld hebben" van de situatie en start na 2030 met een "programmatische aanpak".
De onderste regel:
De lopende saneringen kosten al minstens 68 miljoen euro, waarschijnlijk slechts een fractie van de totale kosten. Provincies eisen dat het Rijk voldoende geld beschikbaar stelt, vooral wanneer de oorspronkelijke veroorzaker niet meer te achterhalen is.





