In het kort:
De Nederlandse overheid hoeft geen extra maatregelen te nemen tegen PFAS-vervuiling, volgens de Haagse rechtbank.
- Vier regionale milieuorganisaties en Stichting Gezond Water eisten een direct lozingsverbod en betere inventarisatie van vervuilende bedrijven
- De rechter vindt de huidige maatregelen "geschikt en voldoende" en geeft de overheid vrijheid in de aanpak
- Complexe afwegingen met woningbouw, afvalverwerking en drinkwaterproductie spelen een rol bij beleidskeuzes
Het grote plaatje:
Nederland kampt met een wijdverspreid PFAS-probleem waarvan de volledige omvang onduidelijk blijft.
Uit RIVM-bloedonderzoek bleek vorig jaar dat bijna alle Nederlanders te veel PFAS in hun bloed hebben. Tientallen bedrijven weigeren echter mee te werken aan onderzoek naar hun vervuiling. Er bestaat momenteel geen totaaloverzicht van PFAS-vervuiling in Nederland.
De onderste regel:
De organisaties wilden strengere maatregelen zoals directe lozingsverboden, volledige bedrijfsinventarisaties en verscherpt toezicht. De rechtbank oordeelt echter dat het niet aan de rechter is om dergelijke beleidskeuzes voor te schrijven aan de overheid.






