In het kort:
De uitbreiding van startbanen moet statushouders sneller aan het werk krijgen en het inburgeringsstelsel meer richten op werk in plaats van alleen uitkeringen.
- Van de statushouders die zich aanmeldden voor de pilot kreeg 44 procent een baan, blijkt uit een evaluatie.
- Momenteel zit 70 procent van de statushouders na drie jaar nog in een uitkering, na vijf jaar is dat nog 50 procent.
- De proef begon in meerdere steden, waaronder Amsterdam, Rotterdam en Eindhoven.
Het grote plaatje:
Het huidige inburgeringsstelsel is te weinig gericht op werk, waardoor statushouders moeilijk de arbeidsmarkt bereiken.
- Inburgeringscursussen zijn vaak overdag, wat combineren met werk lastig maakt.
- "Krijg je als eerste een uitkering aangeboden of werk? Die normstelling is belangrijk," aldus Aartsen in De Telegraaf.
- De startbanen richten zich op sectoren zoals logistiek, horeca, schoonmaak, bouw en techniek, waar beperkte taalkennis minder een obstakel is.
Achter de schermen:
Deelnemers zijn vooral enthousiast omdat werk hen helpt bij het leren van Nederlands door dagelijkse praktijk, in plaats van alleen lessen volgen. Ruim de helft sprak bij aanvang nauwelijks Nederlands, maar kon door de baan sneller inburgeren en collega's leren kennen.






