In het kort:
Een 56 pagina's tellend vonnis onthult dat Trump nooit werkelijk tegenover de belastingdienst stond in de rechtszaak.
- Als president heeft Trump zeggenschap over zowel de IRS als het ministerie van Justitie, waardoor er volgens de rechter geen sprake was van een echt juridisch conflict.
- De rechter oordeelt dat Trump de zaak aanspande om "het gerechtelijke proces te manipuleren" en daarbij te kwader trouw handelde.
- Trump, zijn familie en hun bedrijven mogen de belastingbescherming uit de schikking niet meer inroepen in toekomstige zaken.
Achter de schermen:
De rol van waarnemend minister van Justitie Todd Blanche, een voormalige persoonlijke advocaat van Trump, komt zwaar onder vuur te liggen.
Blanche ondertekende het bevel dat belastingcontroles bij Trump stopzette, iets wat volgens de rechter indruist tegen de wet die politieke bemoeienis met belastingonderzoeken verbiedt. Zijn eerdere verklaring aan het Congres over de deal noemt de rechter "op zijn best misleidend en op zijn slechtst oneerlijk". Ook advocaat Alejandro Brito wordt doorgestuurd naar een tuchtcommissie.
Wat volgt:
De uitspraak komt twee dagen voordat Blanche voor een senaatscommissie verschijnt voor zijn benoeming tot minister van Justitie, waar zijn aandeel in de schikking naar verwachting uitgebreid ter sprake komt.





