In het kort:
Nieuwe RIVM-cijfers laten zien dat de zorg voor ouderen sterk verschuift van instellingen naar de eigen woonkamer.
- Ouderen die naar een verpleeghuis gaan, verblijven daar korter dan vroeger: het aantal mensen dat er minder dan drie maanden blijft, verdubbelde.
- Het aantal langdurige bewoners (langer dan vijf jaar) daalde juist met 5 procent.
- Bij één op de vijf zorginstellingen leidde deze trend tot een daling van het aantal cliënten.
Het grote plaatje:
Volgens het RIVM is er "geen sprake van afstel, wel van uitstel" van de verhuizing naar een verpleeghuis, maar de gevolgen voor instellingen zijn groot.
- Sommige verpleeghuizen hebben minder cliënten met lichte zorgvraag, maar te weinig personeel om over te schakelen op zwaardere zorg, waardoor een mismatch ontstaat.
- Ook spelen particuliere en commerciële woonalternatieven een rol, vooral aantrekkelijk voor de kapitaalkrachtigere babyboomgeneratie.
Achter de schermen:
Zorgminister Mirjam Sterk ziet de verschuiving als een teken dat het systeem werkt zoals bedoeld.
Ze zegt: "Ouderen vragen om zorg die bij hen past: zo lang mogelijk thuis, zo zelfstandig mogelijk en met een belangrijke rol voor hun sociale netwerk." Volgens haar biedt het Hoofdlijnenakkoord Ouderenzorg voldoende financiële ruimte om deze trend verder te begeleiden.



