In het kort:
Het Groningse chemiebedrijf bespaarde ongeveer 1 miljoen euro per jaar door het afvalzout illegaal te laten dumpen in plaats van het op correcte wijze te verwerken.
- Vanaf 2023 kwam het afvalzout via tussenpersonen terecht bij twee Belgische handelaren, die het presenteerden als bodemverbeterend middel.
- Het zout werd verspreid op landbouwgronden en begraven onder gesloopte stallen en akkers rond Baarle-Nassau.
- Op sommige plaatsen was het grondwater uiteindelijk zo zout als zeewater, ontdekten Belgische inspecteurs.
Het grote plaatje:
De gevolgen voor de bodemkwaliteit zijn desastreus en kunnen langdurig zijn. "Te veel zout is voor heel veel gewassen niet goed", zegt Angelique Huijben van de Zuidelijke Land- en Tuinbouworganisatie.
- Bodemecoloog Ciska Veen benadrukt: "Al het leven, planten en dieren, kan slecht tegen zout. Dit kan lange gevolgen hebben."
- DGR ontkent het afvalzout als bodemverbeteraar te hebben aangeboden, maar FTM stelt dat het bedrijf wist waar het zout terechtkwam.
- Het zout zou ook zijn geëxporteerd naar Polen en Duitsland.
Wat volgt:
De Inspectie Leefomgeving en Transport werkt samen met Duitse, Belgische en Poolse autoriteiten in het strafrechtelijk onderzoek. Twee Belgische tussenhandelaren zijn officieel verdachte in de zaak.



