In het kort:
De asielcrisis wordt niet veroorzaakt door een piek in nieuwe aanvragen, maar door vastgelopen doorstroom van statushouders naar woningen.
- De instroom is stabiel: ongeveer 800 asielzoekers per week, vergelijkbaar met voorgaande jaren (behalve coronatijd).
- Meer dan 80.000 mensen zitten in opvang, waarvan zo'n 20.000 statushouders die wachten op een woning.
- Als alle statushouders een huis zouden krijgen, zou de opvangcrisis in één klap zijn opgelost.
Het grote plaatje:
Nederland kampt met structurele problemen in de asielopvang die verder gaan dan alleen het aantal aanvragen.
- De afhankelijkheid van noodopvang in sporthallen en hotels blijft groot, met slechte leefomstandigheden tot gevolg.
- De spreidingswet werkt niet: de meeste gemeenten doen minder dan verplicht voor permanente azc's.
- Slechts 32 procent van de asielzoekers krijgt een verblijfsvergunning, maar ook afgewezen asielzoekers blijven vaak in de opvang.
De onderste regel:
De woningnood en discussies over voorrang voor statushouders blokkeren de doorstroom. Zonder oplossing voor huisvesting blijft de opvangcrisis aanhouden, ongeacht het aantal nieuwe asielzoekers.




