In het kort:
Het Nederlandse arbeidsongeschiktheidsstelsel kampt met een ernstige crisis door een tekort aan keuringsartsen en oplopende instroom.
- Jaarlijks stromen 90.000 mensen in voor een WIA-uitkering, terwijl er al 600.000 mensen een uitkering ontvangen.
- De helft van de toename wordt veroorzaakt door de verhoging van de AOW-leeftijd.
- Werknemers met klachten wachten op begeleiding, terwijl werkgevers niet weten of ze zieke werknemers mogen vervangen.
Het grote plaatje:
De herziening van het arbeidsongeschiktheidsstelsel is een van de grootste klussen van het kabinet-Jetten, maar de start verliep moeizaam. Het kabinet maakte een valse start door terug te komen op afspraken over de AOW-leeftijd uit het Pensioenakkoord, waarna vakbonden boos van tafel liepen. Vooral de instroom van jonge vrouwen met psychische klachten neemt toe, terwijl in de arbeidsongeschiktheidsspaarpot veel geld zit dat de overheid gebruikt om boekhoudkundige gaten te dichten.
Wat volgt:
Het kabinet heeft voorzichtige stappen gezet met wetsvoorstellen om de crisis aan te pakken. Minister Aartsen stelde voor dat de UWV-arts niet meer oordeelt over het werk van de bedrijfsarts na twee jaar ziekte, wat de overbezette UWV-artsen moet ontlasten. Daarnaast moet er in het tweede ziektejaar een plek bij een ander bedrijf worden gezocht als terugkeer naar de eigen werkgever niet lukt. Per 1 mei traden drie nieuwe bestuurders aan bij FNV, CNV en VNO-NCW, die met een schone lei kunnen onderhandelen over een Sociaal Akkoord.




