In het kort:
Trump grijpt terug op een nieuwe wettelijke basis nadat het Hooggerechtshof zijn eerdere heffingen onwettig verklaarde.
- Producten uit de EU, Canada en het VK krijgen 10 procent heffing, landen als China en Japan betalen 12,5 procent.
- Volgens handelsvertegenwoordiger Jamieson Greer vertegenwoordigen de zestig landen samen 99,4 procent van de Amerikaanse import.
- Welke specifieke EU-producten geraakt worden, is nog niet bekendgemaakt.
Het grote plaatje:
Trump baseert de heffingen dit keer op Sectie 301 van de Trade Act uit 1974, die ingrijpen toestaat bij oneerlijke handelspraktijken.
- De regering wijst naar vermeende lakse handhaving van het verbod op dwangarbeid als reden. "Wij handhaven ons importverbod op producten uit dwangarbeid al bijna een eeuw streng", zegt Greer. "Het wordt tijd dat onze handelspartners hetzelfde doen."
- Douane-expert Martijn Schippers noemt de beschuldiging aan het adres van de EU vergaand, maar wijst erop dat een grondig onderzoek vooraf ging aan de heffingen, wat juridisch verzet lastiger maakt.
Wat volgt:
Onduidelijk blijft hoe deze nieuwe heffingen zich verhouden tot de handelsafspraken die sinds 1 juli al gelden tussen de VS en de EU, waarbij Europese producten met 15 procent worden belast. Ondernemersvereniging Evofenedex waarschuwt dat Trump voortdurend juridische wegen zoekt om zijn handelsbeleid vol te houden.





