In het kort:
De Algemene Rekenkamer concludeert dat Nederland onvoldoende is voorbereid op steeds vaker voorkomende droge zomers.
- Driekwart van de onderzochte projecten liep drie jaar vertraging op, met 40 procent hogere kosten als gevolg.
- De schade voor boeren, scheepvaart, industrie en natuur is niet exact te berekenen, maar de droogte van 2018 kostte tussen de 0,5 en 2 miljard euro.
- Volgens KNMI-modellen wordt een extreem droge zomer als deze in de toekomst juist de norm.
Het grote plaatje:
Nederland heeft eeuwenlange ervaring met bescherming tegen te veel water, maar mist volgens de Rekenkamer duidelijke normen voor watertekorten. "Droogte is een urgent probleem, wordt de komende jaren alleen maar urgenter en gaat niet meer weg", zegt Barbara Joziasse van de Rekenkamer, die ook wijst op de vage doelstellingen van het Deltaprogramma.
De andere kant:
Minister Karremans erkent de kritiek, maar wijst ook op successen. Het IJsselmeer functioneerde deze zomer als "regenton" waardoor boeren in het noorden toch voldoende water hadden, terwijl elders beregeningsverboden en te ondiepe rivieren juist voor schade zorgden. Vertragingen ontstaan volgens hem door bezwaarprocedures, stikstof- en PFAS-regels en personeelstekort.
Wat volgt:
Karremans wil bezwaarprocedures versimpelen en kondigt aan sneller te willen handelen: "Ik wil dat projecten in uitvoering gaan. We moeten nu doorpakken voor volgende zomer."






