In het kort:
Eugène N. uit Ede wordt beschuldigd van leidinggeven aan geweld tegen Tutsi's in Rwanda, maar ontkent alle beschuldigingen.
- De man woont sinds 1998 in Nederland en kan vanwege zijn Nederlandse nationaliteit niet worden uitgeleverd aan Rwanda.
- Het OM verdenkt hem van het leiden van plunderingen, brandstichting en betrokkenheid bij de massaslachting van 3000 Tutsi's in een stadion in Mbazi.
- Als lokale bestuurder zou hij anderen hebben aangemoedigd tot genocide in de regio Butare.
Het grote plaatje:
Het Team Internationale Misdrijven deed uitgebreid onderzoek in Rwanda en hoorde overlevenden van de massamoord.
- "Het gaat voor een deel om getuigen die deze massaslachting hebben overleefd", aldus officier van justitie Mirjam Blom.
- In de regio Butare werden tussen april en juli 1994 meer dan 100.000 mensen vermoord, voornamelijk Tutsi's en gematigde Hutu's.
De andere kant:
De advocaten van N. eisen vrijspraak en stellen dat hun cliënt juist genocide probeerde te voorkomen.
- Volgens de verdediging was zijn invloed als lokale bestuurder te beperkt en zijn getuigenverklaringen "vervormd en verkleurd".
- Geen enkele getuige heeft de verdachte "daadwerkelijk iets zien doen", benadrukken de raadslieden.
Wat volgt:
Op 22 juni spreken vijf slachtoffers in de rechtbank. Een dag later volgt de strafeis van het OM.


