In het kort:
Het Wetenschappelijk Onderzoek- en Datacentrum concludeert dat de overheid moet stoppen met het verhogen van verkeersboetes en eerdere stijgingen moet terugdraaien.
- Sinds 1994 zijn boetebedragen met 220 procent gestegen, terwijl de kosten van levensonderhoud slechts 70 procent omhoog gingen
- Verhogingen bij late betaling zijn extreem: een boete van 250 euro kan oplopen naar 750 euro
- Het demissionaire kabinet gebruikt boeteopbrengsten om begrotingstekorten aan te vullen, wat volgens onderzoekers oneigenlijk gebruik is
Het grote plaatje:
De wet functioneert wel zoals bedoeld voor efficiënte afhandeling, maar wordt misbruikt voor financiële doeleinden. Jaarlijks worden acht miljoen verkeersboetes verwerkt zonder rechterlijke tussenkomst, en 93 procent wordt uiteindelijk betaald. Verschillende instanties zoals het OM en CJIB uitten al jaren kritiek op de hoge bedragen.
De onderste regel:
Onderzoeker Oberon Nauta waarschuwt dat het oneigenlijke gebruik van verkeersboetes het vertrouwen in de overheid aantast. "De wet is bedoeld om verkeersveiligheid te verbeteren, niet om geld op te halen. Daar hebben we belastingen voor."






