In het kort:
Onderzoekers van het Amsterdam UMC ontdekten dat de menopauze totaal anders inwerkt op de hersenen dan de eerste menstruatie en zwangerschap.
- Tijdens puberteit en zwangerschap neemt het volume grijze stof in de hersenen af.
- Tijdens de menopauze blijft dit volume juist relatief stabiel.
- De studie, gepubliceerd in Nature, is de eerste die deze levensfasen met elkaar vergelijkt.
Het grote plaatje:
Een afname van grijze stof lijkt geen slecht teken te zijn, benadrukt neurowetenschapper Sophie van 't Hof, die het onderzoek leidde. "In steeds meer data zien we dat die afname niet iets slechts is. Het lijkt erop dat het brein zich op deze manier reorganiseert om zich klaar te maken voor nieuwe taken." Tijdens de puberteit zag ze deze afname door het hele brein, terwijl dit na een zwangerschap slechts in de helft van het brein gebeurde.
Achter de schermen:
De precieze oorzaak van deze verschillen blijft nog onduidelijk, al vermoeden onderzoekers een verband met geslachtshormonen die tijdens de menopauze afnemen, maar tijdens puberteit en zwangerschap juist toenemen. Neurowetenschapper Patricia Clement van de Universiteit Gent, niet betrokken bij het onderzoek, noemt de studie waardevol: "Het laat zien dat we dringend meer moeten investeren in dit type onderzoek."
Vooruitkijkend:
Van 't Hof ziet dit als een startpunt. "Vrouwen zijn zwaar ondervertegenwoordigd in het neurowetenschappelijk onderzoek. We hebben nog een lange weg te gaan."







