In het kort:
Nederland loopt internationaal achter door het ontbreken van een publieke investeringsbank, iets wat buurlanden al decennia wel hebben.
- Italië, Duitsland, Frankrijk en Portugal beschikken allemaal over vergelijkbare staatsbanken die risicovolle innovatie financieren.
- Nederland had zelf ook zo'n bank na de Tweede Wereldoorlog, maar die is via NIBC Bank recent opgeslokt door ABN Amro.
- Minister Herbert van Economische Zaken wil dat de overheid een basisinvestering doet, zodat private partijen als pensioenfondsen en banken durven mee te investeren.
Het grote plaatje:
Vooral kleinere financieringsbedragen tot 5 miljoen euro zijn in Nederland lastig op te halen, terwijl juist hier de kansen liggen voor doorgroei. Biotechbedrijf Vitroscan uit Leiden loopt hier zelf tegenaan. Oprichter Willemijn Vader besteedt driekwart van haar tijd aan het zoeken naar geld en merkt dat pensioenfondsen liever investeren in grotere bedragen boven de 100 miljoen euro. "De eerste vraag die ik krijg van investeerders is: wanneer vertrek je naar Amerika?"
Econoom Roel Beetsma legt uit waarom overheidssteun hier essentieel is: "Private investeerders willen meer zekerheid en durven dat niet volledig zelf te doen." Door risico's te spreiden over meerdere projecten, kunnen successen de mislukkingen compenseren.
Wat volgt:
De nieuwe instelling komt naast bestaande fondsen zoals Invest-NL en moet voorkomen dat veelbelovende Nederlandse bedrijven, vooral in sectoren als biotech, hun heil zoeken in landen met meer durfkapitaal.


