In het kort:
De ramp in de strategische Rubaya-mijn toont de gevaarlijke omstandigheden waarin Congo's waardevolle grondstoffen worden gewonnen.
- De instorting gebeurde woensdag door verzadigde grond tijdens het regenseizoen, terwijl slachtoffers in het gat zaten te graven
- Onder de doden zijn mijnwerkers, vrouwen en kinderen die naar coltan zochten, een erts essentieel voor smartphones en computers
- De mijn produceert vijftien procent van de wereldwijde coltan-voorraad en is sinds 2024 in handen van rebellengroep M23
Het grote plaatje:
M23 gebruikt de mijninkomsten om hun militaire operaties te financieren in de bloedige strijd om Oost-Congo.
Volgens VN-documenten vertrekken meerdere keren per week konvooien met kostbare grondstoffen naar Rwanda, goed voor 800.000 dollar per maand. De door Rwanda gesteunde rebellen veroverden vorig jaar grote delen van Oost-Congo en maken zich volgens mensenrechtenorganisaties schuldig aan oorlogsmisdaden. Door het aanhoudende geweld zijn honderdduizenden mensen op de vlucht geslagen.
Achter de schermen:
Dergelijke mijnrampen komen vaker voor in Congo door aardverschuivingen tijdens het regenseizoen. In november kwamen al honderd mensen om in een illegale goudmijn door vergelijkbare omstandigheden.






