In het kort:
Het megadeal tussen Japan en de VS draait om chipfabrieken, lagere heffingen en geopolitieke afhankelijkheid.
- De importheffing op Japanse auto's ging direct na de afspraak van 25 naar 15 procent.
- Chipfabrikant GlobalFoundries beheert de nieuwe fabrieken; de bouw van de eerste start eind dit jaar, productie moet in 2029 beginnen.
- Eind 2028 valt het besluit over een tweede fabriek.
Het grote plaatje:
Voor Japan is de deal vooral een strategische zet om dichter bij de VS te blijven staan en los te komen van China.
De VS is al de grootste afnemer van Japanse chips en chipmachines, waardoor lagere heffingen direct voordeel opleveren. Daarnaast wil Japan minder afhankelijk worden van goedkope Chinese chips en de veiligheidsrelatie met Washington koesteren, waar het land sterk van afhankelijk is.
De andere kant:
Niet iedereen in Japan is enthousiast over de miljardeninvestering.
Burgers vrezen dat hun geld simpelweg naar de VS verdwijnt, terwijl ze liever zien dat er in de eigen industrie wordt geïnvesteerd. Ook heerst wantrouwen over Trumps wispelturige opstelling, en de angst dat Japan zijn afhankelijkheid van China inruilt voor afhankelijkheid van Amerika. Bovendien is onzeker of de fabrieken op tijd klaar zijn, gezien de hoge Amerikaanse kosten en eerdere vertragingen bij vergelijkbare projecten, zoals van chipgigant TSMC in Arizona.



