In het kort:
Het conflict tussen Iran en Israël heeft zich uitgebreid naar de hele Golfregio, met verstrekkende gevolgen voor de internationale veiligheid en economie.
- Doelen in Iran, Qatar, VAE, Koeweit, Bahrein, Saudi-Arabië, Irak en Jordanië werden getroffen door raketten en drones.
- Vooral Amerikaanse militaire bases waren het doelwit, maar ook civiele infrastructuur zoals luchthavens en hotels werden geraakt.
- Iran heeft de strategische Straat van Hormuz afgesloten, waar 20 procent van alle fossiele brandstoffen doorheen gaat.
Het grote plaatje:
De aanvallen op civiele doelen dwingen Golfstaten tot een fundamentele keuze over hun positie in het conflict. "Er is een groot verschil tussen het incasseren van aanvallen op Amerikaanse militaire bases en directe aanvallen op hun eigen civiele infrastructuur", zegt Gregg Carlstrom van The Economist. De luchtruimen van meerdere Golfstaten zijn gesloten en de olieprijs steeg van 70 naar 73 dollar per vat.
<br>Wat volgt:
Iran kondigt aan door te gaan met aanvallen totdat "de vijand beslissend is verslagen". Volgens Iran-analist Vali Nasr zet Teheran in op gecontroleerde escalatie om regionale spelers te dwingen tot bemiddeling voor een staakt-het-vuren.




