In het kort:
De digitale inbraak bij DJI vormt een ernstig veiligheidsrisico voor medewerkers die door hun werk kwetsbaar zijn voor afpersing en chantage.
- Hackers hadden minstens vijf maanden toegang tot systemen via software voor het beheren van mobiele apparaten.
- E-mailadressen, telefoonnummers en beveiligingscertificaten van medewerkers waren zichtbaar voor de cybercriminelen.
- Mogelijk hadden de hackers volledige beheerderstoegang en konden ze telefoons, tablets en laptops op afstand beheren.
Het grote plaatje:
De hack bij DJI maakt deel uit van een bredere cyberaanval op de Rijksoverheid. Ook de Autoriteit Persoonsgegevens en de Raad voor de rechtspraak werden getroffen door dezelfde aanval.
- Medewerkers zijn pas op 12 februari geïnformeerd over het datalek, nadat DJI eerst dacht dat de gegevens veilig waren.
- Het is onduidelijk of hackers nog steeds toegang hebben tot het systeem en of locatiegegevens van medewerkers zichtbaar waren.
- DJI heeft personeel geadviseerd locatiegegevens op mobiele apparaten uit te zetten als voorzorgsmaatregel.
Wat volgt:
Het Nationaal Cyber Security Centrum houdt de situatie nauwlettend in de gaten. Een externe partij onderzoekt momenteel de volledige omvang van het datalek en de oorzaak van het cyberincident.





