In het kort:
Nederland laat na om slachtoffers van het dodelijke bombardement in Hawija individueel te compenseren, terwijl de benodigde informatie wel degelijk beschikbaar is.
- Bij het bombardement in 2015 op een IS-bombenfabriek kwamen zeker zeventig burgers om toen een hele woonwijk werd weggevaagd.
- Minister Brekelmans bood in januari excuses aan en trok 10 miljoen euro uit voor heropbouw, maar zei niet over genoeg informatie te beschikken voor individuele compensatie.
- Onderzoek van Investico, BOOS en De Groene Amsterdammer onthult dat er wel degelijk bronnen zijn: een compensatiekantoor in de provincie en de Iraakse ngo Ashor hebben uitgebreide dossiers.
Achter de schermen:
De Nederlandse overheid nam nooit contact op met het compensatiekantoor dat speciaal is opgezet voor slachtoffers van militair geweld in Irak.
- Mohammed Al-Bayati van ngo Ashor stelt dat hij de informatie meermaals heeft aangeboden, maar Defensie er nooit naar vroeg.
- In andere gevallen heeft Defensie wel individuele compensaties uitgekeerd, zoals recent nog aan nabestaanden van een bombardement op een Iraakse universiteit in 2016.
De onderste regel:
Minister Yesilgöz geeft geen verklaring waarom Hawija-slachtoffers anders worden behandeld dan andere getroffenen van Nederlandse bombardementen.






